maandag 11 juni 2012

Bevroren, oranje e-nummers

Voor de vuilniszakkenfabrikant die heel jolig een oranje kleurstof aan zijn zakken heeft toegevoegd. Voor de bakker die zijn magazijn heeft volstaan met EK-printbroodzakken. Voor de marktkoopman die de komende maand alle oranje groente en fruit extra aanprijst. Voor alle mensen die met bouwzeilen hun huizen oranje hebben ingepakt. Voor de buurmannen die, onder het genot van een flesje bier waar ooit een oranje dop opzat, hun leven waagden op hoge ladders om een vlaggenlijn van de lantaarnpaal naar lantaarnpaal te spannen. Voor de keurslager die mijn dochter vandaag blij maakte met een afzichtelijke, oranje kroon. Voor de ijsmakers die pakhuizen vol hebben staan met bevroren, oranje e-nummers. Voor de biermerken die dit jaar niet met 'verboden jurkjes' op de proppen komen en de biermerken die de kratjestribune dit jaar hebben overgeslagen. Voor de supermarktketens die weer scoren met plaatjes, vlaggetjes, stickers en andere rommel die ik over een paar weken geheel onopgemerkt in de prullenbak deponeer. Voor de kinderkledingwinkel die ontzettend slim babyshirtjes probeert te verkopen met geprint 'EK 2012' (volgendjaarpasthettochnietmeerendanishetookalgeen2012meer). En voor alles wat nog meer heel slim, leuk en oranje in de kijker wordt gezet... Laten we hopen dat het zijn doel niet voorbij schiet. Blijf  positief, pas een wedstrijd gespeeld. Nog alle kans om de finale te winnen. Uhm... En in welke kleur speelde Nederland ook alweer?

donderdag 24 mei 2012

Betaaldt kabaal

Tuintegels kopen. Het gewenste type en formaat uitgezocht. Afgerekend. De meneer achter de balie had nog wat gegevens nodig voor de bezorgdienst. Hij schreef meteen even op de offerte dat het al betaald was. Hij begon met schrijven. “KLANT HEEFT BETAAL…”. Aan de laatste ‘L’ zag ik dat hij ging nadenken over de letter die daarna kwam. De ‘L’ werd namelijk niet zo ferm geschreven als de eerdere in ‘KLANT’. Niet van die rechte lijntjes. Duidelijk ‘ik-twijfel-lijntjes’. Gelukkig had hij wel de moed zijn collega te vragen. Even het gesprekje:
Hij: is betaald nou met een ‘d’ of een ‘t’?
Collega: dat is heel simpel, je kijkt naar het onderwerp en dan zet je daar het werkwoord ‘lopen’ achter.
Collega weer: de klant loopt.  
Hij: ja, die begrijp ik.
Collega: dan kijk je ook nog naar ’t Kofschip om zeker te weten welke letter erachter moet.
Hij: oké…
Collega:  Dan neem je het hele werkwoord en daar haal je ‘en’ af.
Collega: Het is ‘betaalden’ en zonder ‘en’ is dat dus ‘betaald’. De ‘d’ zit niet in ’t Kofschip, dus komt er een ‘t’ achter. Betaald is dus met ‘dt’.
En zo geschiedde. “KLANT HEEFT BETAALDT” staat er op mijn offerte… Gevalletje ‘klok en klepel’. Ik schat zijn collega ongeveer even oud als ik. Dus uit het ‘walkmantijdperk’. De jaren dat het nog heel gaaf was om de Top-40 op een cassettebandje op te nemen van de radio. Waarschijnlijk zat hij, met het kabaal van zijn walkman dat via zijn koptelefoon zijn oren in suisde, in de Nederlandse les toen de spellingregels werden uitgelegd. Ik heb met ingehouden adem geluisterd. Geprobeerd te begrijpen wat hij bedoelde. En al snel besloten dat een uitleg van de juiste spellingregels een kansloze missie was… Prima hoor, ik betaal wel met ‘dt’.

woensdag 25 april 2012

Bolognese met piccalilly

Het begon als een heel gewoon winkelbezoekje. Het eindigde in een groot tranendal. Van het lachen. Plaats delict: de zuivelboulevard (ik weet het, die naam is iets overtrokken, maar zo noemen ze dat nou eenmaal). Een meneer in een jurk, op hakken. Valt op natuurlijk. Ook kleine meisjes van drie jaar zien dat dat anders is. Ik zag haar ogen gericht op de meneer. Vraagtekens verschenen op haar voorhoofd. In mijn hoofd speelde 'snel weg hier anders plaatst ze een ongezouten en ongetwijfeld niet passende opmerking'. Gelukt. Pfff... 

Maar dan... De rij voor de kassa... Wie sloot er achter ons aan? Jawel! Mijn dochter zag hem (of moet ik 'haar' zeggen?) ook. Ze wilde duidelijk iets zeggen, maar ik was sneller. "Leg jij de bananen maar op de lopende band". Weer een gênant moment bestreden. Achter de meneer/mevrouw stond meneer met een rollator die vreselijk zijn best deed om zijn lachen in te houden. Net als ik eigenlijk. Dat werd ons behoorlijk lastig gemaakt. Hij/zij praatte namelijk met een aardappel in de keel. Daar is heus niets mis mee. Maar als je daarbij zijn/haar dichtgeknepenneusstem bedenkt, dan kun je je voorstellen dat dat een rare combinatie is. Net zo'n rare combinatie als spaghetti bolognese met piccalilly. Of boerenkoolstamppot met een kuiltje jus en een kaassouffle. De rollatormeneer kon het niet langer aan. Draaide zich snikkend van de lach om en bedacht dat hij best nog wat appels in zijn mandje kon stoppen. Goede keus, hoefde hij niet langer in de rij te staan. Eenmaal buiten rolden de tranen over mijn wangen. Op het voorhoofd van mijn dochter zag ik weer vraagtekens verschijnen, waarna ze zei: "mama, die mevrouw achter ons had een blauwe jurk. Mijn fiets is ook blauw, toch mama? Zelfde kleur". En dat is dan weer peuterlogica.